Logo Universiteit Utrecht

Nederlandse protestliedjes

Luisterlijsten

15 | Boerenrock en muziek uit het noorden en oosten van het land

Nelis, ‘De (Boer) Koekoek wals’ (1966)

In 1966 was Hendrik (‘Boer’) Koekoek de politieke sensatie van het jaar. Deze conservatief-rechtse politicus met populistische trekjes haalde zo’n 7 procent van de zetels bij de Provinciale Statenverkiezingen, een spectaculair resultaat in deze tijden waarin verkiezingen nog weinig spannend verliepen. Met het succes kwamen de zangers die hem een steuntje in de rug gaven. De Amsterdamse levensliedzanger Nelis, vanwege een geamputeerd rechterbeen beter bekend als Manke Nelis, was met ‘De (boer) Koekoek wals’ eind maart 1966 de eerste. Het was een lekkere inhaker, op de melodie gezet van de ‘Koekoekswals’, een klassieker in het accordeonrepertoire. Koekoek is volgens Nelis de redder van het volk en tegelijk een bestrijder van het grootkapitaal.

 

Vader Abraham en Boer Koekoek m.m.v. kinderkoor De Makkertjes, ‘Den Uyl is in den olie’ (1974)

Deze carnavalskraker is een van de invloedrijkste conservatieve protestsongs van Nederland. Het nummer, uitgebracht tijdens de oliecrisis van 1974, zet niet alleen de linkse premier Joop den Uyl voor schut, maar vormt meteen reclame voor het beleid van Boer Koekoek: ‘Stem nu maar op mij, dan word ik president / verlaag ik de benzineprijs met vijftig cent!’ Ook het drama rond zeezender Veronica, waarvoor de regering op dat moment een anti-piraterijwet aan het invoeren was, werd door de makers in het lied verwerkt: Vader Abraham en Boer Koekoek spraken zich slim uit voor deze bij het publiek populaire zender.

 

Normaal, ‘Ik bun moar een eenvoudige boerenlul’ (1978)

Als je naar de liveregistratie uit 1979 kijkt van het nummer ‘Ik bun moar een eenvoudige boerenlul’, is het goed voor te stellen waarom Normaal in deze periode uitgroeide tot een van de belangrijkste liveacts van Nederland en een voorbeeld voor alle boerenrockbands die zouden volgen. Geen Nederlandse band speelde op dat moment met zo veel vuur, en dat nog in het Achterhoeks ook. De nummers van Normaal zouden generaties mensen in met name het oosten en het noorden van het land inspireren in hun strijd tegen de bekaktheid en de hypocrisie – tot de boerenprotesten van 2019 en 2020 aan toe.

 

Kromme Jongens, ‘Europa’ (1995)

Normaal mag dan in de het oosten van het land overal mensenmassa’s trekken, in het Westland (gelegen tussen Den Haag en Rotterdam) speelt de band in het voorprogramma van de plaatselijke helden, Kromme Jongens. Met een nummer als ‘Europa’ bezong de groep de bedreiging voor de Nederlandse tuinbouw nu de grenzen opengingen. ‘De grenzen zijn nu open, en je kan van alles kopen / in Europa / onze tuinders vrezen prijzen, die nergens op lijken / in Europa.’

 

Rinus Rasenberg, ‘De regelkevers’ (1995)

Deze boerenzoon combineerde zijn baan als dierenarts met een actieve carrière als cabareteske singer-songwriter. ‘De regelkevers’ draait om het mooie beeld van een bureaucraat als ‘regelkever’: ‘Ons land wordt geregeerd door een kluitje regelgevers / kleine dictatorretjes / ik noem het regelkevers / ze bespringen en besluipen je / met de taaiheid van een sekte / ze spinnen ijzeren draden / als dansende insecten.’

 

Mooi wark, ‘Warkende helden’ (2009)

‘Warkende helden’ is een rockcover van een van de absolute protestevergreens, John Lennons ‘Working Class Hero’. Waar Lennons liedje eerder een cynische afrekening lijkt met de ambitie om een ‘working class hero’ te zijn – de samenleving maakt voor mensen uit de arbeidersklasse volgens hem weinig ruimte – draait de versie van Mooi Wark eerder om een gevoel van trots op de gewone mensen die in alle vroegte aan de slag gaan om de wereld draaiende te houden.

 

Wat aans!, ‘Trilploat’ (2016)

In de jaren 2010 stonden diverse Groningstalige artiesten op om het aardbevingsleed in de provincie te bezingen. Een van de luchtigste en populairste liedjes kwam van de Groningstalige hiphopgroep Wat aans! Die verbond de voortdurende schokken in de provincie met het typische hiphopcliché van draaiende en wiegende vrouwenbillen: ‘Wie bring’n Grunn in koart, swing’n op die trilploat / kiek ik zwait mie kapot, loopt mie langs de bilnoad / en alle wichter hier, ja die vind’n het schier / beweeg die dikke batterij’n in die skinny jeans.’

 

De Suskes, ‘Boeren aan de macht’ (2019)

Feestband De Suskes – drie mannen die dankzij een masker alle drie een kuif à la Suske op hun hoofd hebben prijken – verwoordde in ‘Boeren aan de macht’ de positie van de boer tijdens de agrarische protesten van 2019. Het nummer bevat diverse waarheden als koeien en brengt daarmee de milieudiscussies die ten grondslag liggen aan het protest tot mooie eenvoudige dimensies terug: ‘Laat Den Haag maar razen “te veel mest is ongezond” / waar koeien grazen ligt nou eenmaal stront.’

 

Meindert Talma, De Domela passie (2019)

Het bijzondere conceptalbum De Domela passie is een muzikale biografie van de socialistische politicus Ferdinand Domela Nieuwenhuis (1846-1919), die vooral in het arme noorden van Nederland als een messias beschouwd werd.

 

De Niemanders, De Niemanders (2020)

Dat er door mensen afkomstig uit de Achterhoek zeker niet alleen boerenrock gemaakt wordt, bewijst De Niemanders, een gelegenheidsproject van Rocco Ostermann en Wout Kemkens (die inmiddels in Arnhem wonen). Zij werkten intensief met Nederlandse gedetineerden samen om een duister, experimenteel rockalbum af te leveren over het gevangenisleven en foute keuzes. De teksten werpen een genadeloze blik op de realiteit achter de gevangenismuren.